De vogels van: Johan Koster
De keuze om vogels te kweken was voor mij niet moeilijk. Bijna zo lang ik mij kan herinneren kweekt mij vader al vogels. Je kunt zeggen dat de liefde voor de vogels met de pap lepel is ingegoten.
Op dit moment kweek ik met de fischerie en de personata, beide de wildkleur vorm. Bij de fischerie’s ben ik sinds 2 jaar ook bezig met het kweken van de blauw mutanten.
Vanaf het moment dat ik gaan samenwonen heb ik altijd met de fischerie wildkleur gekweekt.
Al meer dan 10 jaar later is de liefde voor de fischerie niet minder geworden, eerder meer.
Dit komt mede door het feit dat de resultaten bij de tentoonstellingen de afgelopen periode goed zijn te noemen.
De personata is een ander verhaal. Bij een bezoek aan een kweker (inmiddels ruim 6 jaar geleden) in de buurt werd mij aandacht getrokken door een aantal vogels met een gele band en een zwarte kop. En ja, ze waren te koop. 3 koppels gekocht en de fischerie was niet meer de enige gevederde vriend.
Na een aantal jaren ervaring kan ik zeggen dat het kweken van een goeie fischerie een stuk “eenvoudiger” is dan het kweken van een goeie personata. Mijn ervaringen met de fischerie is dat als je 2 goeie vogels koppelt daar ook goeie jongen uit komen. Begrijp me niet verkeert, niet elke vogel is dan meteen een topper, maar de kwaliteit is minimaal acceptabel.
Bij de personata is dit wel anders. Koppels die het ene jaar goeie jongen brengen kunnen het volgend jaar gemiddelde vogels groot brengen.
De selectie bij de personata’s is bij mij in het hok dan ook vele malen kritischer dan bij de fischerie. Niet alleen de vogel zelf wordt beoordeeld maar ook zijn afkomst en broers en zussen.
Op dit moment kweek ik met 30 bewezen broedkoppels. De verhouding tussen de fischerie en de personata is gelijk, 15 koppels fischerie’s en 15 koppels personata’s. De 15 koppels personata’s zijn uitsluitend wildkleur. Bij de fischerie’s is er nog een onderverdeling in de koppels wildkleur en de blauw mutanten. Hier heb ik 4 bewezen koppels blauw mutanten en 11 koppels zuivere wildkleur.
Na de tentoonstellingsperiode (Januari) zet ik een nog een aantal nieuwe koppels aan. Dit zijn dan de jonge vogels die voor het 1e jaar hebben meegedaan aan de tentoonstellingen. De nieuwe koppels broeden maar 1 ronde. Dit omdat deze vogels weer gebruikt worden bij het volgende tentoonstellingsseizoen.
Aan het einde van de kweek periode (mei/juni) selecteer ik de beste koppels uit. Deze selectie wordt gedaan op basis van de jongen in het verleden en de groot gebrachte jongen van dat kweek seizoen. Op deze manier start ik elk kweekjaar met een beperkt aantal kweek koppels. De kweekkoppels die niet door de selectie komen worden van de hand gedaan.


